Afschaffing melkquotum: zorgeloos en onbeperkt melken?

Afschaffing melkquotum: zorgeloos en onbeperkt melken?

Per 1 april 2015 is het melkquotum afgeschaft, door sommige boeren gekscherend ‘bevrijdingsdag’ genoemd. Veel melkveehouders zagen gouden bergen voor zich. Ze handelden tijdig en zorgden voor een grote veestapel in 2014 en 2015. De vraag is echter of dit verstandig is geweest, nu de overheid probeert om op een andere manier de omvang van de melkveehouderij te beperken. Staatssecretaris Dijksma zag bij de afschaffing van het melkquotum namelijk met name een overschrijding van het fosfaatplafond voor zich en zag de noodzaak in te grijpen. Dit is gedaan door de invoering van de ‘Wet verantwoorde groei Melkveehouderij’.

Doel en invulling van de wet
Ter invulling van deze wet wordt een zogenaamde Algemene maatregel van bestuur (hierna: Amvb) vastgesteld door het kabinet. Deze treedt 1 januari 2016 in werking. De staatssecretaris heeft in haar brief aan de Eerste en Tweede kamer laten weten wat het doel is van deze regels, namelijk dat melkveebedrijven die door uitbreiding extra fosfaat produceren, jaarlijks moeten aantonen dat zij over voldoende grond beschikken om ten minste een deel van de extra fosfaat binnen het bedrijf te kunnen gebruiken. Om de melkproductie voldoende maatschappelijk draagvlak te geven, is grondgebonden melkproductie van belang.

Fosfaatrechten
Staatssecretaris Dijksma werkte een systeem met ‘fosfaatrechten’ uit om verdere invulling te geven aan de Wet verantwoorde groei Melkveehouderij. De opzet voor deze nieuwe regeling heeft zij op 2 juli jl. aan de Tweede Kamer voorgelegd. Daarbij zijn drie opties uitgewerkt: fosfaatrechten, dierrechten of melkrechten (per bedrijf of per koe). Uiteindelijk is gekozen voor de invoer van fosfaatrechten per 1 januari a.s. Het betreft hierbij een maatregel die de productie van fosfaat moet beperken.

Bij het vaststellen van de fosfaatrechten wordt als peiljaar 2014 genomen. Wijzigingen in het aantal dieren die tot 2 juli 2015 hebben plaatsgevonden, kunnen ook meegenomen worden bij het vastleggen van het aantal fosfaatrechten.

Dijksma geeft in haar brief aan dat fosfaatrechten verhandelbaar zullen zijn. De verwachting is dan ook dat eenzelfde soort systeem zal ontstaan als bij het melkquotum.

Categorieën melkveehouders
Binnen het nieuwe systeem zijn er drie categorieën bedrijven:
- bedrijven met een fosfaatoverschot van minder dan 20 kg per hectare. Zij hoeven niet over extra grond te beschikken om de fosfaat te gebruiken;
- bedrijven met een fosfaatoverschot van 20 tot en met 50 kg per hectare. Zij moeten over voldoende grond beschikken om tenminste 25% van de extra fosfaat binnen het bedrijf te gebruiken;
- bedrijven met een fosfaatoverschot van meer dan 50 kg per hectare; zij moeten over dusdanig veel grond beschikken, dat zij tenminste 50% van de extra fosfaat binnen het bedrijf kunnen gebruiken.

Terugwerkende kracht
Hoewel de Amvb waarmee de grondgebonden groei wordt geregeld, op 1 januari 2016 pas in werking treedt, ziet de Amvb ook op 2015. Toename van de fosfaatproductie door uitbreiding van de melkveestapel in 2015 moet vanaf 2016 dus ook worden verantwoord volgens de verplichtingen van de Amvb. Bij de controle van het voldoen aan de regels voor grondgebonden groei, wordt gekeken naar de grond, zoals deze bij de gecombineerde opgave wordt opgegeven.

Uitzondering
In de regeling is een zogenaamde ‘knelgevallenregeling’ opgenomen; er geldt een uitzondering voor melkveehouders die verplichtingen zijn aangegaan voor het verwerken van fosfaat vóór 7 november 2014. Dit was de dag waarop bekend werd dat er nadere voorwaarden aan grondloze groei werden gesteld. Indien melkveehouders kunnen aantonen dat zij voor 7 november 2014 financiële verplichtingen zijn aangegaan om hun gehele fosfaatoverschot te laten verwerken, mogen zij dat overschot laten verwerken voor de duur van de overeenkomst die is afgesloten.

Onduidelijkheden
Momenteel heersen er nog veel onduidelijkheden m.b.t. de ontwikkelingsruimte voor bedrijven en de wijze waarop melkveehouders kunnen berekenen op welke wijze kan worden uitgebreid. Hieromtrent zal door de wetgever en/of de rechter duidelijkheid moeten worden gebracht.

Ook omtrent de overgangssituaties zijn er nog veel vraagtekens. Deze zullen ook in de loop van de tijd moeten worden opgelost.

Conclusie
Hoewel de afschaffing van het melkquotum voor veel boeren een bevrijding leek, blijkt de uiteindelijke mogelijkheid tot onbeperkt melken toch zeer beperkt. In de toekomst zullen melkveehouders over voldoende grond en fosfaatrechten moeten beschikken, waardoor het houden van melkvee alsnog wordt beperkt.

Wanneer u wordt geconfronteerd met problemen met de RVO omtrent de grondgebonden melkveehouderij en fosfaatrechten, neemt u dan contact op met de sectie Agrarisch Recht van De Haan Advocaten & Notarissen; zij kunnen u verder helpen door het geven van advies en rechtsbijstand.

Deel deze pagina