Gedwongen in een onverdeeldheid?

Gedwongen in een onverdeeldheid?

Geplaatst op

De langstlevende ouder overlijdt met achterlating van afstammelingen en de onverdeelde boedel is een feit. Indien bij testament niet is afgeweken van de wettelijke regeling is ieder kind in beginsel voor een gelijk deel tot de nalatenschap gerechtigd. Het komt bijvoorbeeld regelmatig voor dat een woning tot de nalatenschap behoort. De erfgenamen zijn dan deelgenoten in de onverdeelde boedel. Er ontstaat met andere woorden partieel eigendom van de woning. Alle deelgenoten dienen in beginsel in te stemmen met de verkoop van de woning. Het komt echter voor dat de één wel wil verkopen en de ander niet. Ben je dan gedwongen in een onverdeeldheid te blijven? 

Nee, niemand kan gedwongen worden om in een onverdeeldheid te blijven. Erfgenamen zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor de afwikkeling van de nalatenschap. Komen zij er samen niet uit, dan staat de weg naar de rechtbank open. 

De rechter kan dan een verdeling vaststellen of een bewindvoerder benoemen die de onverdeelde boedel namens de deelgenoten beheert en tot een verdeling probeert te komen. Indien één van de deelgenoten weigert iedere medewerking aan de verdeling te verlenen, is het tevens mogelijk om de rechter te verzoeken een onzijdig persoon te benoemen. Deze onzijdige persoon zal als het ware in de plaats treden van de weigerachtige deelgenoot. 

In geval van een onroerend goed, bijvoorbeeld de eerdergenoemde woning, kan in een procedure medewerking aan de verkoop en levering van het onroerend goed worden gevorderd. Op deze wijze kan een einde worden gemaakt aan de partiële eigendom van de deelgenoten.

Onverdeeldheid kan echter ook het gevolg zijn van een vermissing van één van de erfgenamen. Op welke wijzen kan een verdeling van de nalatenschap in dit geval worden bereikt? 

De hoofdregel om bij vermissing van een erfgenaam tot verdeling van de nalatenschap over te kunnen gaan is neergelegd in artikel 1:412 van het Burgerlijk Wetboek (BW). Voorgenoemde bepaling biedt aan degene die gerechtigd zou zijn tot het erfdeel in geval de vermiste niet in leven mocht zijn, de mogelijkheid om een verzoek tot machtiging tot uitoefening van het recht van erfgenaam in te dienen bij de rechtbank. Niet bewezen hoeft te worden dat de vermiste ten tijde van het openvallen van de erfenis reeds was overleden.

Een andere mogelijkheid om in geval van een vermissing tot verdeling van de nalatenschap te komen biedt artikel 1:409 BW. In dit geval kan een bewindvoerder worden benoemd voor iemand die zijn woonplaats heeft verlaten en onvoldoende orde op zaken heeft gesteld. Het verzoek kan worden ingediend door belanghebbenden, waaronder wordt begrepen mede-erfgenamen. 

Bent u verwikkeld in een lastige nalatenschap en komt u er zelf niet uit? U kunt niet gedwongen worden om in een onverdeeldheid te blijven. De familierechtadvocaten van De Haan Advocaten & Notarissen helpen u graag verder en vertellen u wat uw mogelijkheden zijn om een einde te maken aan de onverdeeldheid. 

Deel deze pagina