Transitievergoeding én WNT-vergoeding? Eindelijk duidelijkheid!

Transitievergoeding én WNT-vergoeding? Eindelijk duidelijkheid!

Op 11 december 2017 publiceerde minister Ollongren de Beleidsregels WNT 2018. Met deze beleidsregels heeft de minister een einde gemaakt aan een belangrijke discussie in de arbeidsrechtpraktijk, namelijk over de vraag of de transitievergoeding en de maximale vergoeding voor topfunctionarissen die onder de WNT vallen mogen cumuleren of niet. Het korte antwoord? Ja, maar niet altijd.

De WNT

Hoe zat het ook alweer? Sinds 1 januari 2013 kennen we de Wet normering topinkomens . Met die wet werden maxima gesteld aan de beloningen van de hoogste functionarissen binnen de (semi-)overheid. Later volgden ook vergelijkbare beperkingen voor sectoren als zorg en jeugdhulp, woningcorporaties, onderwijs, cultuur en wetenschap, ontwikkelingssamenwerking en zorgverzekeraars.

In de WNT werd een limiet gesteld aan de maximale gouden handdruk die meegegeven mocht worden in geval van ontslag: één jaarsalaris, met een maximumbedrag van € 75.000 bruto. Dit is nog steeds het maximum. Kwamen die topfunctionarissen er nou altijd zo bekaaid van af? Nou nee. Van dit maximum werden namelijk uitkeringen uitgezonderd waar iemand recht op had op grond van een cao of de wet. Daarbij moet dan vooral worden gedacht aan wachtgeldaanspraken.

De WNT en het nieuwe ontslagrecht (WWZ)

Bij de totstandkoming van de WNT gold het ‘oude’ ontslagrecht. Het ontslagrecht is met ingang van 1 juli 2015 gewijzigd door de Wet Werk en Zekerheid (WWZ). Voor de WWZ werden dienstverbanden vaak beëindigd onder toekenning van een vergoeding op basis van de kantonrechtersformule. Dit was geen vergoeding op grond van een cao of de wet, zodat duidelijk was dat de maximale vergoeding op grond van de WNT echt de enige en maximale vergoeding was.

Bij de invoering van de WWZ veranderde dit. Met de WWZ kwam het recht op de transitievergoeding in de wet. Grofweg komt die regeling erop neer dat als een dienstverband 2 jaar of langer heeft geduurd en wordt beëindigd op initiatief van de werkgever door opzegging (na vooraf verkregen toestemming van UWV) of door ontbinding door de kantonrechter, er recht bestaat op een vergoeding.

Over de vraag of de transitievergoeding kon cumuleren met de WNT-vergoeding werden er vervolgens behoorlijk wat procedures gevoerd, waarbij de uitkomsten tussen de ene of de andere rechter verschilden. Wat wel duidelijk was, was dat wanneer de maximale transitievergoeding hoger was dan de maximale WNT-vergoeding, de maximale transitievergoeding werd toegestaan.

Cumulatie van transitievergoeding en WNT-vergoeding kan, maar niet altijd

Met de Beleidsregels WNT 2018 heeft de minister een einde gemaakt aan de onduidelijkheid. Met terugwerkende kracht tot aan de introductie van de WWZ, dus tot 1 juli 2015, heeft de minister nu bepaald dat beide vergoedingen kunnen (en mogen) cumuleren. Het argument daarvoor mag u niet verbazen: de transitievergoeding is een vergoeding op basis van een wettelijk voorschrift.

Maar, let op: Dit mag alleen als de betrokkene daadwerkelijk recht heeft op een transitievergoeding. Als het recht op een transitievergoeding tussen partijen wordt afgesproken, dan geldt deze regel niet. Dus alléén als er sprake is van een (rechtsgeldige) opzegging van de arbeidsovereenkomst of ontbinding door de rechter, is dit toegestaan. Het blijft dus oppassen bij het treffen van regelingen.

De Beleidsregels WNT 2018 kunt u hier raadplegen.

Deel deze pagina