Wat trek je aan als je naar de rechtbank gaat?

Wat trek je aan als je naar de rechtbank gaat?

Geplaatst op

Voorafgaand aan een zitting bij de rechtbank neem ik vaak de zaak door met cliënt om de zitting voor te bereiden, de strategie te bespreken en het geheugen op te frissen. Een veelgestelde vraag van de cliënt is: Wat doe ik aan?

Ik ben van mening dat het antwoord op die vraag niet moet worden onderschat. Weliswaar heeft Vrouwe Justitia, de personificatie van het recht en het beeldmerk van de rechtspraak, een blinddoek om, maar dat betekent niet dat rechters zich menselijkerwijs niet mede op basis van het uiterlijk van de cliënt een beeld van hem of haar vormen. Er wordt immers wel eens gezegd dat 93% van de communicatie non-verbaal is. Het is dus van belang dat cliënt en de advocaat geloofwaardig en respectvol overkomen bij een rechter.

Cliënten

Voor een cliënt is de vraag wat hij/zij aan moet doen naar een zitting niet direct te beantwoorden. In zijn algemeenheid geef ik vaak aan dat ik de cliënt adviseer aan te trekken wat hij/zij ook zou aantrekken voor een belangrijke bespreking. Nette zakelijke kleding, zoals een overhemd met colbert voor mannen of een nette blouse voor vrouwen, is eigenlijk altijd goed. Maar ook een ondernemer die kleding met het bedrijfslogo draagt, kan goed voor de dag komen als iemand die zichtbaar trots is op zijn bedrijf.

Het is bij het geven van een advies nette kleding te dragen niet ondenkbaar dat cliënten in hun kledingkeuze overdrijven. Zo trof ik eens een boer, die na 30 jaren zijn trouwpak uit de kast had gehaald, met daaronder zijn netste zwarte klompen. Hij voelde zich zichtbaar totaal niet op zijn gemak. Het is dus ook belangrijk kleding te kiezen waarin je je comfortabel voelt.

In ieder geval is het van belang mogelijk aanstootgevende elementen te verwijderen of af te dekken. Een rechter zou mogelijk aanstoot kunnen nemen aan bijvoorbeeld een petje, sterke parfum of een pakje shag in het zakje van het overhemd.

Aan de andere kant zijn er ook zelfbenoemde stylisten die menen welke kleurcombinaties tot een winnende zaak kunnen leiden. Dergelijk adviezen kan je wat mij betreft negeren.

Advocaten

Voor mijzelf is die vraag wat ik aan zal doen naar de zitting makkelijk te beantwoorden. Ik ga in toga. Voor advocaten is het namelijk bij de meeste rechtszaken simpelweg verplicht een toga te dragen. Deze outfit moet voldoen aan het “Besluit van 22 december 1997 betreffende de titulatuur en het kostuum der rechterlijke ambtenaren, alsmede het kostuum van de advocaten en van de procureurs (Reglement II)”. Dit besluit bevat niet alleen maar liefst dertig artikelen, maar ook tekeningen van de kleding.

Voor een toga gelden de volgende vereisten. De toga is een lange wijde mantel met een staande kraag ter hoogte van ongeveer 4 cm, welke kraag aan de voorzijde in het midden een opening heeft van 8 cm.

De toga is geheel gemaakt van zwarte stof, neerhangend tot ongeveer 10 cm boven de grond, in het midden van de achterzijde onder de kraag, evenals zijwaarts aan de bovenkant van de wijde mouwen, geplooid ingenomen, met aan de onderkant der mouwen omslagen ter breedte van ongeveer 20 cm en aan de voorzijde in het midden van boven tot onder om de 5 cm voorzien van een niet glimmende kleine zwarte knoop. De toga wordt gesloten gedragen. Aan de onderkant der mouwen behoort een voorziening te zijn getroffen, welke het terugvallen der mouwen verhindert. De toga van advocaten wijkt iets af van de toga van rechters, in die zin dat de toga van advocaten van dof grein of van een hierop gelijkende stof is, zonder banen met aan de mouwen omslagen van dezelfde stof.

Bij de toga hoort een witte bef, waarover alle flauwe grappen denk ik al wel zijn gemaakt. De bef bestaat uit twee aan de bovenzijde aan elkaar bevestigde stukken geplooid wit batist of een hierop gelijkende stof, beide stukken tezamen in geplooide toestand aan de bovenzijde 8 cm breed. De bef heeft een lengte van 30 cm en mag aan de onderzijde niet breder zijn dan 15 cm. De bef wordt zodanig bevestigd, dat hetgeen zonder van de toga deel uit te maken om de hals wordt gedragen niet zichtbaar is

Vroeger was bij het pleiten ook een baret verplicht, maar tegenwoordig is dat, wat mij betreft, gelukkig enkel een mogelijkheid. De baret is rond en heeft een staande rand ter hoogte van 5 cm en een 5 cm buiten die rand uitstekend plat geplooid bovenstuk, dat in het midden is voorzien van een platte knoop, bekleed met de stof, waarvan de baret is vervaardigd.

Een toga lenen?

Het is voor advocaten mogelijk om kosteloos bij de rechtbank een toga te lenen. Dat daar nadelen aan kleven ondervond een collega van mij toen zij, terwijl zij vurig een pleidooi aan het voeren was, een vieze snotdoek uit een zak van de toga haalde, toen zij met een armgebaar extra kracht aan haar argumenten wilde geven. De vieze snotdoek was kennelijk door de advocaat achtergelaten, die daarvoor de toga had geleend. Geen fris idee.

Gelukkig is er een alternatief. Bij mij op kantoor hangt een rek met toga’s, die de advocaten voor een zitting kunnen gebruiken. De toga’s worden regelmatig gewassen en hopelijk dan ook gecontroleerd op vieze snotdoeken. De toga’s hebben verschillende maten. Ik ben zelf lang en neem dus altijd een lange toga mee, maar ik maakte het eens mee dat alle lange toga’s in gebruik waren. Daardoor resteerde voor mij geen andere mogelijkheid dan een toga mee te nemen die net tot aan mijn knieën kwam. Dat was geen gezicht. Sindsdien heb ik een eigen toga aangeschaft, die op maat is gemaakt. De togamaker is speciaal vanuit Arnhem naar Groningen gekomen om mij op te meten, zodat de toga aan de hiervoor vermelde eisen voldoet.

Voor zittingen bij een kantonrechter is het voor advocaten niet verplicht een toga te dragen. Desondanks hebben alle advocaten in het noorden een brief van de President van de Rechtbank Noord-Nederland ontvangen waarin hen is verzocht om, ook bij kantonzaken, het gebruikelijke tenue aan te trekken. Overigens houdt niet iedereen zich aan dit verzoek. Ik trof onlangs in een zaak bij de kantonrechter een collega-advocate, die kennelijk meende dat een trainingsbroek ook wel als gangbare kleding bij een rechtszaak door kon gaan, dit tot ongeloof van de rechter.

Deel deze pagina