Nieuwe wetgeving per 1 januari 2013

Nieuwe wetgeving per 1 januari 2013

31 december 2012

mr. D. Kneppel Arbeidsrecht - Groningen Hoofdkantoor

Eigen risico zorgverzekering In 2013 gaat het verplicht eigen risico in de zorgverzekering omhoog van € 220 naar € 350. Deze verhoging bestaat uit de jaarlijkse indexatie plus een bedrag van € 115. Als compensatie voor de verhoging van het eigen risico krijgen mensen met een laag inkomen extra zorgtoeslag. Het maximumbedrag voor de zorgtoeslag gaat in 2013 met € 115 per jaar per persoon omhoog. Huishoudens met een inkomen tot en met het wettelijk minimumloon krijgen de verhoging van het verplicht eigen risico helemaal terug. Huishoudens met een inkomen boven het wettelijk minimumloon ontvangen minder zorgtoeslag en dus minder compensatie. Het kabinet is van plan om vanaf 2015 het eigen risico inkomensafhankelijk te maken. Dat betekent dat mensen met een laag inkomen een lager eigen risico hebben dan mensen die meer verdienen.

Wijziging Besluit kinderopvangtoeslag De kinderopvangtoeslag voor het 1e kind gaat omlaag. Het 1e kind is het kind met de meeste opvanguren. Dat hoeft niet uw oudste kind te zijn. Indien u een gezamenlijk inkomen van € 17.230 of lager heeft dan gaat de kinderopvangtoeslag voor het 1e kind niet omlaag. Bij een gezamenlijk inkomen van € 118.189 of hoger krijgt u geen vergoeding meer voor het 1e kind. Verder gaan de maximum uurprijzen waarvoor u een vergoeding kunt krijgen omhoog. Op www.toeslagen.nl kunt u een proefberekening maken wat er precies voor u verandert. Wet verhoging AOW- en pensioenrechtleeftijd De eerste verhoging van de AOW-leeftijd met 1 maand gaat per 1 januari 2013 in. Op Rijksoverheid.nl vindt u een tabel waarin u ziet op welke leeftijd u de AOW-leeftijd bereikt. Aanscherping handhaving en sanctiebeleid SZW-wetgeving Wanneer u een uitkering ontvangt, en er verandert iets in uw financiële, persoonlijke en leefsituatie, dan bent u verplicht om dit aan het Dienst Werk en Inkomen (DWI) door te geven. Wanneer u dit niet doet dan kunt u teveel aan uitkering ontvangen, waardoor u zich schuldig maakt aan fraude. Het teveel ontvangen geld moet volledig terug worden betaald. Daarnaast is de boete net zo hoog als het bedrag dat teveel is ontvangen. Bij herhaalde fraude krijgt u een boete van 150% van het bedrag dat u onterecht hebt ontvangen. Deze boete wordt ingehouden op uw bijstandsuitkering. De eerste drie maanden kan deze boete met uw volledige uitkering worden verrekend. U ontvangt deze maanden dan geen uitkering. Drank- en horecawet Het vergunningstelsel wordt vereenvoudigd. Zo hoeft een ondernemer een nieuwe leidinggevende slechts te vermelden en geen nieuwe vergunning meer aan te vragen. De naleving van de Drank- en Horecawet wordt overgeheveld naar de gemeenten. Gemeenten krijgen daarnaast ook de mogelijkheid om een toegangsleeftijd te koppelen aan de horecasluitingstijd en mogen de toepassing van happy hours en prijsacties beperken. Gemeenten moeten daarnaast ook de alcoholverstrekking in paracommerciële instellingen (zoals bijvoorbeeld een buurt- of clubhuis of sportkantine) bij verordening reguleren.  Supermarkten die binnen één jaar drie keer betrapt worden op het verkopen van alcohol aan jongeren onder de leeftijdsgrens mogen tijdelijk geen alcoholhoudende drank verkopen (‘3 strikes out’- maatregel). Proeven in slijterijen is onder voorwaarden toegestaan. Jongeren onder de zestien zijn strafbaar indien zij in het bezit van alcoholhoudende drank op de openbare weg of in voor publiek toegankelijke plaatsen zijn. Assurantiebelasting Wanneer u als bedrijf een verzekering afsluit, moet bij u bij een aantal verzekeringen assurantiebelasting betalen. Momenteel is dat 9,7% assurantiebelasting over de verzekeringspremie. Per 1 januari 2013 gaat het tarief omhoog naar 21%. Wet bestuur en toezicht Ondernemingen kunnen per 1 januari 2013 statutair bepalen dat de bestuurstaken worden verdeeld over één of meer niet uitvoerende bestuurders en één of meer uitvoerende bestuurders. Het toezicht maakt dan deel uit van het bestuur, wat de besluitvorming kan bespoedigen (het zogenaamde ‘one tier board’). Bij tegenstrijdig belang wordt de bv/nv gewoonlijk vertegenwoordigd door commissarissen, maar de statuten mogen straks anders bepalen. Het aantal functies dat bestuurders en commissarissen van een grote nv, bv of stichting kunnen bekleden wordt beperkt. Tevens komt er een verplichting voor grote bv’s en nv’s om te streven naar een evenwichtige man-vrouwverhouding in het bestuur en de raad van commissarissen. Wijziging besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer Agrarische bedrijven hebben straks minder vergunningen nodig. Bepaalde activiteiten gaan onder algemene regels vallen, zodat u voor deze activiteit geen vergunning meer hoeft aan te vragen. Het gaat bijvoorbeeld om lozingen als gevolg van het telen van landbouwgewassen en het houden van kleine aantallen landbouwhuisdieren bij niet-agrarische inrichtingen. De administratieve lasten zullen hierdoor afnemen. Eed of belofte voor de financiële sector Bestuurders en alle medewerkers van financiële ondernemingen zoals banken en verzekeraars zijn straks naar verwachting verplicht om een bankierseed af te leggen. Dit is een eed of belofte waarin u belooft zorgvuldig te werken. Als u de eed of belofte niet aflegt of naleeft, moet u als bestuurder in het uiterste geval aftreden. De nieuwe regel geldt niet alleen als u in dienst komt. Ook als u al in de financiële dienstverlening werkt, moet u de eed of belofte afleggen. Wet vereenvoudiging regelingen UWV Het plan is dat er een aantal wetten worden gewijzigd in verband met de vereenvoudiging van de uitvoering van deze wetten door het UWV. Het voorstel van wet is reeds aangenomen door de Tweede Kamer, alleen de Eerste Kamer moet hier nog over stemmen. Indien dit voorstel van wet ook door de Eerste Kamer wordt aangenomen is het plan om deze wet per 1 januari 2013 van kracht te laten gaan. Nu is het zo dat wanneer een werknemer met zijn werkgever overeenkomt dat hij met ontslag gaat, er een fictieve opzegtermijn van een maand geldt. Als u deze termijn, de zogenaamde fictieve opzegtermijn, niet in acht neemt, dan zal het UWV deze termijn alsnog als wachttermijn in acht nemen en komt u pas later in aanmerking voor een WW-uitkering. Deze termijn zal komen te vervallen. Verder worden de startersregeling WW  en de calamiteitenregeling gewijzigd en wordt de definitie van langdurig werkloze aangepast. Daarnaast moet het UWV om te bepalen of een werknemer recht heeft op een WW-uitkering beoordelen of wordt voldaan aan de referte-eis. Deze referte-eis houdt in dat de werknemer in de 36 weken onmiddellijk voorafgaand aan de eerste dag van werkloosheid in ten minste 26 weken heeft gewerkt. Voorstel is om bij de bepaling van de wekeneis niet langer uit te gaan van weken maar van kalenderweken. Dit betekent dat in alle gevallen de referteperiode eindigt op de zondag voorafgaand aan de eerste WW-dag. Hantering van kalenderweken heeft als voordeel dat het UWV alleen de gegevens per kalenderweek nodig heeft en niet meer per dag.

 

 

Deel deze pagina