Aanbestedingen: 20% goedkoper is niet meteen een abnormaal lage inschrijving

27 september 2022

In een recent arrest heeft het Hof van Justitie meer duidelijkheid gegeven over hoe aanbestedende diensten om dienen te gaan met het leerstuk van de abnormaal lage inschrijving (CURIA – Documents (europa.eu)). De belangrijkste conclusie van het Hof van Justitie was dat wanneer een inschrijving 20% goedkoper is, dit niet automatisch tot een abnormaal lage inschrijving mag leiden. Alleen een concrete analyse van de concrete kenmerken van de opdracht en de uitgebrachte offerte mag tot een oordeel leiden of de inschrijving wel of niet abnormaal laag is.

Wat was er nu precies aan de hand?

Bulgarije was een niet-openbare aanbestedingsprocedure gestart voor de planning, de ontwikkeling en het beheer van een systeem voor de afgifte van Bulgaarse identiteitsdocumenten. Na de selectie werden Veridos en een consortium uitgenodigd voor het uitbrengen van een offerte. Bulgarije heeft na de inschrijving besloten de opdracht voorlopig te gunnen aan het consortium. Veridos kan zich niet verenigen met deze beslissing, mede omdat zij van mening is dat de inschrijving van het consortium dusdanig laag is, dat er sprake is van een abnormaal lage inschrijving. Uiteindelijk komt dit beroep bij de hoogste rechter in Bulgarije, die vervolgens prejudiciële vragen stelt aan het Hof van Justitie.

Het Hof van Justitie begint met te benadrukken dat het aan de lidstaten en de aanbestedende diensten zelf is om methoden – zoals een drempelwaarde – te bepalen om te beoordelen of er een vermoeden is van een abnormaal lage inschrijving. Vervolgens geeft het Hof van Justitie een duidelijke set van aanwijzingen mee die aanbestedende diensten moeten gebruiken bij het vervolgens beoordelen van de vermoedelijk abnormaal lage inschrijving:

  • Het abnormaal lage karakter moet worden beoordeeld aan de hand van de concrete omstandigheden van de opdracht, rekening houdend met alle gegevens die relevant zijn voor het uitvoeren van de opdracht;
  • Een afwijking van de prijs van de betreffende inschrijving mag een aanwijzing zijn, maar mag nooit de enige aanwijzing zijn en mag nooit tot de automatische conclusie leiden dat er sprake is van een abnormaal lage inschrijving;

Als de aanbestedende dienst geen redenen heeft om aan te nemen dat er sprake is van een vermoeden van een abnormaal lage inschrijving, dan hoeft de aanbestedende dienst geen verificatie procedure op te starten. Echter, de beslissing om geen verificatie procedure op te starten is wel een beslissing van een aanbestedende dienst die vatbaar is voor beroep in kort geding, in het kader van een bezwaar tegen de voorlopige gunning.

Geen automatische uitsluiting

Deze uitspraak laat duidelijk zien dat een automatische uitsluiting vanwege een abnormaal lage inschrijving nooit aan de orde mag zijn. Een groot prijsverschil kan echter wel aanleiding vormen voor een aanbestedende dienst om nader onderzoek te doen naar deze inschrijving, waarbij alle concrete en relevante omstandigheden van de uit te voeren opdracht en de uitgebrachte offerte in ogenschouw genomen moeten worden. Aan de andere kant geeft het Hof van Justitie wel aan dat een automatisch systeem op basis waarvan sprake kan zijn van een vermoeden van een abnormaal lage inschrijving is toegestaan. Denk daarbij bijvoorbeeld aan een systeem waar bij alle inschrijvingen die meer dan 20% afwijken van de gemiddelde inschrijfsom een vermoeden met zich dragen een abnormaal lage inschrijving te zijn en dus nader geverifieerd moeten worden door de aanbestedende dienst. Op basis van die nadere verificatie moet de aanbestedende dienst dan een beslissing nemen of er daadwerkelijk sprake is van een abnormaal lage inschrijving.

Wilt u meer weten over dit onderwerp? Neem dan contact op met Arnold Appelman.

Gerelateerde actualiteiten