De Nederlandse en de Europese Klimaatwet

9 mei 2022

Wereldwijd zijn er grote zorgen om de invloed van de mens op het klimaat. Door menselijke activiteiten komen er broeikasgassen in de atmosfeer, die verantwoordelijk worden gehouden voor de klimaatverandering. Het Europees Parlement riep daarom op 28 november 2019 een “klimaatnoodtoestand” uit.

Broeikasgassen zijn niet alleen het bekende CO2, maar ook methaan, lachgas, fluorgas en zelfs waterdamp. Methaan komt onder meer vrij door het vee dat wordt gehouden. Fluorgas is het sterkste broeikasgas en komt onder meer voor in spuitbussen, airco’s en koelkasten.

Inmiddels heeft Nederland te maken met 2 “Klimaatwetten’, te weten één nationale wet en één Europese Klimaat“wet”. De Europese “wet” is een verordening die in rang boven de nationale wet staat en door de rechter kan worden toegepast.

De Nederlandse Klimaatwet

De Nederlandse Klimaatwet dateert van 2 juli 2019 en is op 1 januari 2020 van kracht geworden. Deze wet voorziet in de stapsgewijze reductie van broeikasgassen om klimaatverandering tegen te gaan.

In de Klimaatwet staat met hoeveel procent de uitstoot van broeikasgassen in ons land moet worden teruggedrongen te weten (artikel 2 leden 1 en 2 Klimaatwet):

  • 49% minder uitstoot van broeikasgassen in 2030 ten opzichte van de uitstoot in 1990
  • 95% minder uitstoot van broeikasgassen in 2050 ten opzichte van de uitstoot in 1990

De elektriciteitsproductie moet in 2050 volledig CO2-neutraal zijn (artikel 2 lid 2 Klimaatwet).

Daarnaast moet de Nederlandse staat als gevolg van de gerechtelijke Urgenda uitspraken eind 2020 ten minste 25% minder broeikasgassen uitstoten ten opzichte van 1990. De uitspraken zijn te raadplegen via:

Als gevolg van vooral de coronacrisis heeft Nederland dat doel in 2020 gehaald. Nederland bereikte in dat jaar een reductie van maar liefst 25,5 %. In 2021 zouden echter juist weer meer broeikasgassen zijn uitgestoten.

Klimaatplan

De Klimaatwet bepaalt dat de regering een klimaatplan moet maken. Het klimaatplan geldt telkens voor een periode van 10 jaar en moet om de 5 jaar telkens tussentijds worden bijgesteld. Het eerste klimaatplan geldt voor de periode tussen 2021 en 2030. Dat plan bevat de hoofdlijnen van het beleid en beschouwingen.

Daarnaast moeten er in het klimaatplan ook de maatregelen worden opgenomen om de doelen te bereiken (artikel 3 lid 2 sub a, c Klimaatwet).

Europese Klimaatwet

Inmiddels volgen de ontwikkelingen elkaar ook op Europees niveau snel op. De Europese Raad (die bestaat uit de regelingsleiders van de lidstaten van de Europese Unie, de voorzitter en voorzitter van de Europese Commissie) heeft op 28 juni 2021 een Europese “Klimaatwet” aangenomen. Deze verordening (Vo) is op 29 juli 2021 in werking getreden. U kunt deze raadplegen middels de volgende link: EUR-Lex – 32021R1119 – EN – EUR-Lex (europa.eu).

Daarin is het eerder al uitgezette klimaatbeleid wettelijk verankerd. In artikel 2 van die verordening staat dat de emissie van broeikasgassen uiterlijk in 2050 netto nul moet bedragen en de Europese Unie zelfs moet streven om daarna negatieve emissies te bereiken.

In artikel 4 van die verordening staan de tussentijds te bereiken doelen geformuleerd. In 2030 moeten de broeikasgasemissies in de Europese Unie met 55 % zijn gedaald ten opzichte van de emissie in 1990.

‘Fit for 55”

De Europese Commissie heeft reeds kort na het aannemen van de verordening een pakket maatregelen voorgesteld en op 14 juli 2021 bekendgemaakt. Dat pakket aan maatregelen wordt “Fit for 55” genoemd, hetwelk doelt op de reductie van broeikasgas met 55 % die de EU in 2030 tracht te bereiken. Het pakket heeft de indrukwekkende omvang van 12.000 bladzijden(!), waarin het klimaatbeleid van de EU wordt uitgewerkt en vastgelegd. Enkele kernpunten die daarin worden uitgewerkt zijn:

  • het voorstel om de emissiehandel op nieuwe sectoren toe te passen en om het bestaande EU-emissiehandelssysteem te verscherpen. Dat EU-emissiehandelssysteem legt een prijs op koolstof en verlaagt het plafond voor emissies van bepaalde economische sectoren elk jaar. Het heeft de uitstoot van energieopwekkende en energie-intensieve industrieën in een periode van 16 jaar met 42,8% verminderd. De Europese Commissie wil het emissieplafond nog verder verlagen en het jaarlijkse reductiepercentage verhogen;
  • de opbrengsten uit de emissiehandel moeten de lidstaten weer besteden aan klimaat- en energie gerelateerde projecten;
  • in 2035 wil de EU al klimaatneutraal zijn in de sectoren landgebruik, bosbouw en landbouw, met inbegrip van niet-CO2-emissies in de landbouw, zoals die van het gebruik van kunstmest en vee;
  • in 2030 wil de EU in heel Europa 3 miljard bomen erbij hebben geplant;
  • 40% van de Europese energiebehoefte moet reeds in 2030 komen uit hernieuwbare bronnen;
  • de publieke sector moet elk jaar 3% van zijn gebouwen renoveren en verduurzamen;

Dit alles is uiteraard maar een kleine greep uit de maatregelen uit het 12.000 pagina’s dikke pakket.

Slot

De verduurzaming is inmiddels in een versnelling gekomen. De tussentijds gestelde doelen moeten al op korte termijn worden behaald en maatregelen volgens elkaar snel op. Het Europese Environactment Programme dateert van 14 oktober 2020. Nog geen jaar later volgde het zeer omvangrijke en gedetailleerde “Fit for 55” pakket. Om dat pakket door te voeren zal het daar ongetwijfeld niet bij blijven. De Europese Commissie heeft bijvoorbeeld al op 14 juli 2021 een voorstel tot herziening van de richtlijn hernieuwbare energie ingediend. Op 15 december 2021 publiceerde de Europese Commissie haar voorstel om de reeds bestaande Europese richtlijnen voor energieprestatie gebouwen (EPBD) te herzien om gebouwen nog energie-efficiënter te maken. Nieuwe richtlijnen en nationale regels om die te implementeren zullen ongetwijfeld volgen.

Vragen of advies

Mocht u vragen hebben of nader advies willen op het terrein van verduurzaming, het bouw- en vastgoedrecht dan kunt u uiteraard contact opnemen met mr. R.H. van Dijke via telefoonnummer 06 505 116 87 of via  r.vandijke@dehaanlaw.nl.

Gerelateerde actualiteiten